Je bent niet ingelogd. Log in of registreer je

THE HELL IS TO EASY

2 plaatsers

Ga naar beneden  Bericht [Pagina 1 van 1]

1THE HELL IS TO EASY Empty THE HELL IS TO EASY di 31 jan - 10:14

Sauron

Sauron

HELL IS TO EASY
Doelbewust werd elke grijze hoef op de grond gesmeten en maakte zijn mahoniebruine lichaam flexibele bewegingen. Deze jonge hengst was in één woord huiveringwekkend om te zien. Niet enkel door de strijdlustige blik die in diens furieuse , fel oranje ogen gebrand stonden maar tevens doordat een oor miste en er aan diezelfde kant van zijn hoofd omvangrijke littekens in zijn schedel gegraveerd stonden. Plukken donkere, grafietzwarte manen stonden als een hanenkam recht overreind op zijn hals terwijl er slordig wat slierten van ontembaar haar langs zijn hals naar beneden vielen.
`*Ex avaritia omnia scelera ac maleficia gignuntur´ zacht werden deze woorden gefluisterd, of de grote hengst de onschuldigheid van de woorden niet probeerde te schaden. Met hebzucht doelde Sauron op degene die dachten geniaal te zijn, dat stel máchtige leiders. Maar macht was niet hetzelfde als kwaad, wat vele 'slechte' paarden omwille van alles wilde bezitten. Macht bestaat niet. Het betekent dat je de baas over iets bent, een bepaald persoon iets zou kunnen laten doen wat jij wilde. Maar elke macht verdwijnt, door de dood , door een ander, dus bestaat het niet. Precies datgene zorgt ervoor dat kudde's onnodig zijn. Deze hengst had allang ontdekt dat de wereld onnodig was, zonder doelstellingen zonder eind. De tijd vergaat en trekt daarbij alles met zich mee. Dan bleef daar toch die vraag is zijn hoofd rondspoken; waarom leefde hij? Kon hij uberhaud wel weten of dit de werkelijk was of werd hij gewoon door een bedrieger door de gek gehouden? Hoe kon hij zeker weten dat zijn zintuigen niet met hem op de proef stelde?
De kilte van de winterse dagen hing als een deken over zijn vacht heen en hij trok zijn nek in om deze te beschermen tegen kou. Bewegen was goed, het was zíjn bescherming tegen deze ijzigheid. Hij wist dat het bloed daardoor door zijn aderen zou voeren en hierdoor zijn lichaam weer terug zou opwarmen. Hell, hij haatte de winters en dan kon hij nu nog van geluk spreken. Het was koud, enkel ijzig koud maar slecht kleine laagjes sneeuw waren te bekennen en het had al dagen niet meer geregend.
Toch spande de hengst zijn spieren en voelde hij zijn lenderen samentrekken en besloot tot stilstand te komen. Zijn ooghoek had een vage omtrek herkend. Ja de hengst moest het in de deze tijden enkel van zijn ogen hebben. De kou en de wind maakte het bijna onmogelijk geuren op te pikken en dan nog het feit dat hij een oor miste en het andere vrijwel doof was en pas op een afstand van een meter of 5 geluiden kon oppikken. Ja best vervelend, maar zo was het leven.
Zijn vurige ogen vingen het hoofd van een schedel op en even kromden zijn wimpers arwanend over zijn ogen heen en snoof de hengst een rookwolkje uit. `Dood, breng mij niet tot de hel , dat is te makkelijk´ prevelde hij woorden met zijn rauwe stem waar geen enkel verschil van toonhoogte in lag. Wel was het gemeend, zijn aard kon dan nog zo zijn als het was, de hel sprak hem niet aan. De hel was een verbanning, voor paarden die dingen misdaan hadden en íedereen kon dingen misdoen. Voor Sauron had ´slecht´ geen betekenis. Zocht maar eens naar een term die echt klopte, die echt je aard omschreef, die was er simpelweg niet. Sauron kon liever de moeilijke weg, een harde, bittere weg en avontuur dan aard. Goed of slecht, het bestond niet in zijn ogen.
`Hallo milady, koele middag, is het niet?´ was zijn charmante stem en poging een gesprek aan te gaan met het wel redelijk vaag lijkende schedelpaard.

*Uit hebzucht ontstaan allerlei misdaden.

[&Narrie]

2THE HELL IS TO EASY Empty Re: THE HELL IS TO EASY za 11 feb - 5:38

Nar

Nar
Moderator

Nar zuchtte triest. Het waaide hard, het was donker. Binnen was het warm en licht. Ze baalde er niet van dat ze buiten zat in de sneeuw. Ze koos er immers zelf voor. Alhoewel, dat was misschien wel niet eens zo heel erg waar als ze zelf iets meer lef had gehad. Klopt dat? Nar stond een fractie van een seconde stil en brieste, zachtjes.
Mistroostig wierp ze een blik op de razende geiser die water met alle kracht uit de aarde omhoog spoot. Het was bijna griezelig te noemen als er werd bekeken met hoeveel geweld dat ging. Nar bleef kort gefascineerd in het donker naar de geiser kijken, verlicht door de heldere volle maan. In een spookachtig gele gloed sjokte Nar verder. Ze worstelde met haarzelf. Iets dat ze nog nooit gehad had. Niets was meer vreemd, niets was meer af te raden. Iedereen mocht alles, niemand stond je in de weg, alleen je eigen hebben en houwen. Was dat raar? En je kunt niets zeker weten, want alles gaat voorbij. Een wijze levensles, want alles trok verder. Alles veranderde. Godzijdank stond niets stil, was iedereen uniek. Toch was ook niet iedereen even interessant. Sterker nog: Negen van de tien waren zo verschrikkelijk bang hun werkelijke zelf te laten zien, dat de zeldzaamheid van een eigen karakter werd benadrukt. Dat klonk raar ten opzichte van haar eerdere gedachten. Nar schudde haar kop.
Iedereen was uniek, daar kon je met zekerheid van uitgaan. Niemand durfde het werkelijk te laten zien. Bijna niemand. Bang om buiten de groep te vallen. Te laten zien dat karakter iets is om trots op te zijn, iets wat niet verborgen moest worden. Uniek, een simpele betekenis, maar niemand scheen het uit te maken dat het begrip steeds meer uit de samenleving getrokken werd. Groepjes en kliekjes waren zo gevormd. Beesten die er anders bij liepen, waren raar. Nar vond zichzelf ook raar, maar misschien had zij ergens wel een steekje los. Wie zal het zeggen? Tot dusver had geen enkeling het lef gehad haar zo te vragen nadat ze hem of haar een vernietigende blik had toegeworpen. Shut the Fuck up.
Nar geloofde overigens ook niet in begrippen zoals 'altijd', 'eeuwig' en al die andere dingen. Ze geloofde niet dat er zoiets bestond als een relatie zonder problemen. Gedonder om niets hoorde erbij. Je wist niet hoe je bergen moest beklimmen als je voor de tocht al afsloeg.
Nar sloeg haar staart tegen haar zwarte achterste aan en liep verder door de ijskoude sneeuw. Vanuit de verte rook ze een paard, maar ze had de behoefte niet om naar het levenloze schepsel toe te gaan. Nar corrigeerde zichzelf enorm snel: Levendige mormel. Waarschijnlijk leefde het, anders was het bloed te ruiken in de lucht en beten de poolvossen het lijk in stukken voor de families die op sterven na dood waren. Nar sjouwde verder en merkte tot haar irritatie op dat de hengst ook verplaatste, richting haar. Verdomme. Dit was waarschijnlijk het opdringerige type dat direct het woord 'nee' uit zijn woordenboek had geschrapt.
Nar negeerde hem dan ook toen ze langs hem liep. Of nou ja, negeren is hier verkeerd gekozen. Ze wierp hem een minachtende blik toe, liet haar tanden kort zien, legde haar oren waarschuwend in de nek en liep verder door de sneeuw. Het laatste waar ze nu zin in had was een macho hengst of een figuur dat wilde bewijzen hoe slecht hij of zij wel niet was door haar eens een flinke dreun te geven. Nar deed niet aan dreigementen, enkel aan beloftes. En ze beloofde bij alles wat haar lief was dat ze hem zo'n enorme trap zou geven dat hij jaren later nog kreupel zou lopen.

3THE HELL IS TO EASY Empty Re: THE HELL IS TO EASY di 21 feb - 22:44

Sauron

Sauron

De modderkleurige hengst had zijn lichaam in een paar flexibele beweging dichter naar dat van de merrie gemanoeuvreerd. De ogen van de jonge hengst stonden brutaal, aangezien dit zogezegd zijn nórmale blik eigenlijk wel was. Van achter de ogen gebeurde er eigenlijk iets anders in de hersenen van Sauron. Ze namen elke beweging van de merrie op, verzonnen een beeld van een karakter bij haar gedrag en probeerde haar reactie te peilen. Mission failed Meestal had deze hengst op het gebied van het inschatten van paarden een groot slagingspercentage maar wat deze merrie deed was absoluut niet wat hij verwacht had. Als reactie op zijn vriendelijke opening kreeg hij het tanden-showen-en-oren-in-de-nek gebeuren te zien. Damn, wat had hij misgedaan dan? Hij snoof uit een mengeling van verbazing en een lichte vorm van woede. Máár hij liet zich niet zo snel gek maken en al helemaal niet uit het veld slaan. Zijn lippen krulden in die excentrieke greins waarbij de meeste paarden tot conclusie kwamen dat er iets lichtelijk mis was in zijn hoofd.
`Ochtendhumeur?´ vroeg hij met zijn schaapachtige stem. De koperkleurige hengst klonk dom, of er niks van inhoud in zijn hersenpan verstopt zat. Wel was elke beweging zelfverzekerd, werd het met een bepaalde klasse uitgevoerd waarvan hij zich niet bewust was. In zijn ooghoek zag hij dat merrie nu een stuk verder van hem vandaan liep en ruimte gecreëerd had. Pompidompidom; alsof hij zich van geen kwaad berust was zette hij zijn benen in tot wijdere passen en haalde dan langzaam de schedelmerrie weer in. `Weetje, ik kom niet vaak een paard tegen met schedel. Is het heel onbeleefd als ik vraag hoe je aan dat .. euh.. díng komt?´ was zijn vastberaden intonatie. Iets in zijn stem liet doorschemeren dat er toch nog íets van hersens in deze jonge hengst verstopt zaten.
Deze hengst was sluw. Niet op de manier zoals velen het voor zich zagen [ een wild ontembaar paard dat altijd beestachtig te keer geen en hun vrolijke aard toonde door een ander paard dood te stampen ]. Nee sauron had listigere tactieken dan die. En er was iets, iets van een bepaalde glans in de ogen die uitzonderlijke intelligentie leek aan te duiden, hij was zo wijs als een uil. Tegelijkertijd was daar de brutale blik die deze glans weer helemaal liet verdwijnen , die het niks liet lijken bij zoiets kleins. Maar als je goed naar het gedrag van de hengst keek dan wist je van zijn sluwe methoden. Hij was bijna te rustig , te dociel in benarde situatie's. Uitdagingen en moeilijke paarden leken hem juist te amuseren. Sauron was met zijn sluwe kant ook tegelijk meer van 'easy going' maar bereikte met zijn tactieken toch váák zijn doel. Hij wist op een bepaalde manier tot iemand op in te dringen. Het was briljant en sauron hoefde er niet eens over na te denken en was iets in zijn hoofd dat hem gewoon zo maakte als hij, hij stond geen toneelspel op te voeren. Het koperkleurige wezen was gewoon precies zo'n paard waarvan je kon zeggen dat ze vanaf de geboorte tot het einde van hun leven hetzelfde was, hij zou zich niet laten beïnvloeden door buitenstaander.

4THE HELL IS TO EASY Empty Re: THE HELL IS TO EASY vr 24 feb - 5:50

Nar

Nar
Moderator

Nar sjokte star verder en voelde steeds minder de behoefte om met dit geval een gesprek aan te gaan. De woorden stonden nog net niet op haar voorhoofd gebrand, maar alles aan haar straalde uit 'Laat me met rust, verdikkeme!' Nar kon het grinniken niet onderdrukken toen de hengst lichtelijk verrast snoof. Dat was nog eens grappig: Hij kreeg door dat ze géén zin had in hem. Nar kon het niet laten zich kort om te draaien om zijn reactie te peilen. Ze ergerde zich groen en geel toen de hengst een quasi vrolijke grijns op zijn smoel trok en draaide met een ruk haar hoofd weer zo dat ze straal de andere kant op keek. Verschrikkelijk. Uitroeien moesten ze met dit schorem van het laagste van het laagste. Uitgeroeid tot de laatste man, of in dit geval paard. Nar voelde een irriterende siddering over haar ruggengraat lopen toen de hengst begon te praten. Ochtendhumeur? Een ochtendhumeur? Dat was wel bijzonder zwak uitgedrukt voor de emotie die nu de boventoon voerde in de kop van de roetzwarte merrie! Nar voelde steeds meer de behoefte hem de poten onder het lijf vandaan te breken, maar ze suste zichzelf weer tot de normale irritatiegraad. Kom tot jezelf, kom tot jezelf. Hij is het niet waard. Nar telde uitermate langzaam voor zichzelf tot tien en voelde haar agressiviteit langzaam tot in haar tenen zakken. Fijn, dat was weg. Nar sjokte nog steeds humeurig verder, maar nu wel een stuk minder erg dan tien seconden nadat de hengst wat tegen haar gezegd had. Ze had géén zin in een beter gesprek en wilde hem beslist niet beter leren kennen. Nar brieste de dikke voorlok uit haar ogen en zette weer twee à drie passen verder.
Net toen ze haar hoef opgetild had, versperde de hengst haar de weg. Nar barstte bijna uit haar voegen van ergernis toen hij haar vervolgens ook nog aansprak. Waar haalde hij dat gore lef nou weer vandaan? Nar stootte een zo goed als ondierlijk gegrom uit en wendde zich met een bijna spastische beweging naar de hengst toe.
'Nou moet je eens goed naar me luisteren, makker, nou zet je eerst die ezelsoren van je open en ik duld geen tegenspraak. Nu laat je mij met rust, of ik zorg er persoonlijk voor dat je die poten in een rugzak mee naar huis kunt nemen,' siste Nar dreigend. Ze meende elk woord ervan en om dat nog even extra te onderstrepen, maakte ze vlak voor zijn neus een hap beweging. Ja, het wás onbeleefd om te vragen waar ze die schedel vandaan had. Laat dat duidelijk zijn. Nar gromde hem het meest onvriendelijke afscheid aller tijde naar hem toe en liep, ziedend, weg.
'Ow ja, wáág het niet om me weer achterna te komen, want ik doe enkel aan beloftes, geen dreigementen.'

5THE HELL IS TO EASY Empty Re: THE HELL IS TO EASY zo 26 feb - 3:24

Sauron

Sauron

Dit was echt zo'n situatie 'zeurend kleutertje'. In dit geval was hij het kleutertje en de gitzwarte merrie de volwassen waarbij hij aan het zeuren was om iets lekkers. Nou ging hij niet van 'O maar asjeblieft ik wil zó graag een gesprek voeren en ik doe er alles voor' en 'áááááh asjebliiieeeefftt' lopen schreeuwen maar ergens in de ogen van de modderkleurige hengst was wel die kinderlijke twinkel te zien. Hij stond deze merrie gewoon in het gezicht uit te lachen en had hier duidelijk plezier in. Zijn blik was uit de hoogte alsof híj wilde zeggen 'wie denk je wel niet dat je bent ?'. Zijn lippen stonden ietsjes wijd en van elkaar en draaide spottend omhoog.
`Ach kom, doe gewoon gezellig mee, ik ga huilen hoor´ sprak hij met zijn egocentrische stem waarbij hij een hopeloze poging waagde de stem van een jong veulentje te imiteren. Hopeloos, dat was het enige juiste woord voor deze hengst. Er was geen enkele logische reden te bedenken waarom deze hengst met de merrie zou willen spreken en toch liep hij haar op een redelijk hoog level te stalken. Zou ze het leuk vinden? Hahaha, voor dat antwoord hoefde hij niet eens na te denken. Dat maakte dat hij zijn aandacht hield, en enkel door en door bleef gaan met zeuren. Elke spier van lichaam leek eraan te werken het record 'meest irritante stalker' te verbreken. Hij draaide nog even zijn kop naar haar toe om zijn littekens en missende oor te tonen en te bewijzen dat hij óók lichtelijk gestoord was, hoewel dat al redelijk duidelijk was.
Plots was daar weer die honger die vaker door zijn ruime gedachtegangen sijpelde en rare beelden van bebloede karkassen met zich meenamen. De hengst leek nu in een soort donkere gedachtegang te staan waar hij weer allemaal tunnels zag die zich uitspreidden én uitspreidden. Hij koos zonder ook maar een van hersencellen te gebruiken een rode gang, die paste bij gevoelens; dorst , dorst in bloed.
Toen hij de gang in wandelde schoot er weer een nieuw beeld voor zijn vurige, oranje ogen. Ditmaal was het een hevig gevecht dat zijn hersens voorschotelden. Twee paarden gooiden hun voorbenen de lucht in om hun benen dan om elkaar nek te gooien en met alle kracht die ze in hun hadden elkaar probeerden in de dodelijk greep te nemen. Nu flakkerde de vlam van bewustzijn pas echt aan. Het beeld verdween en hij stond weer met beide benen in het heden. Het beeld van de vechtende paarden veranderde langzaam weer in een wereld, waarvan hij tevens niet wist of hij wel echt bestond, en veranderde het zover door dat de merrie daar ook weer stond. In een oogopslag hadden zijn ogen weer betekenis, hadden zijn gezichtsuitdrukkingen weer een inhoud. Zijn éne zielige oortje bracht hij in zijn woede recht naar zijn nek waardoor hij nu volkomen oorloos leek. Hij snoof nu richting als een woedende hengst die uitgedaagd werd door een tegenstander. Zijn manen en staart waaierden uit door een stroom lucht en bliezen zijn korte plukjes manen en rechtovereind staande richting zijn schoft.
Zonder een tactiek te verzinnen, zonder even zijn hersens te gebruiken en totaal in zijn woedeaanval opgaand sprong hij dan met een grote leeuwensprong op de merrie af. Het leek ven of zijn verstand op ´uit´ stond want hij zat duidelijk met zijn hoofd nog ergens anders. Alles wat hij nu verlangde was het bloed van de merrie zien stromen, en zo was hij absoluut op zijn gevaarlijkst. In zijn sprong knelde hij zijn knieën in de aanval om haar hals heen. Dit had haar absoluut géén grote schade aangericht en in een computerspel zou de balk van de levens van de merrie nu bijna helemaal vol zijn en de groene kleur van het overleven hebben. Maar hij wilde dood, bloed, zweet, tranen. Hij wilde méér, hij verlangde ernaar. In een ruk opende hij zijn mond om haar hals tussen zijn tanden te nemen. En draaide dan , met ogen die wit doorlopen waren, haar vlees om zodat er een grote , maar vooral bloederige wond ontstond. De robijnrode druppels liepen zo zijn mond in en namen overhand. In zijn hoofd zag hij het balkje weer zakken, maar nóg niet genoeg. Hij wilde meer! Erger nog; hij moest meer, hij zou doorgaan! In de hitte van het moment leken zijn ogen opstandig een rode kleur te krijgen en toen moest de hengst loslaten want zijn evenwicht kon hem niet langer houden.
Hij was doorgedraaid, gewoon gestoord geworden wat hem in dit gevecht tot een voordeel maar ook tot een nadeel kon maken...


Sorry knorrie, niet de reactie waarop ik gehoopt had; het is een beetje ráár, je snapt wel wat ik bedoel.
Het is trouwens officieel, Sauron word hét paard met de rare uitbarstingen WhereIsTheRumGone?

6THE HELL IS TO EASY Empty Re: THE HELL IS TO EASY zo 26 feb - 4:26

Nar

Nar
Moderator

Nar sjouwde met steeds meer irritatie weg en stond op het punt te ontploffen. Als de bom eenmaal gebarsten was, werd ze enorm agressief, voor zover ze dat normaal ook niet was. Ze was van zichzelf al een hittepetit, laat staan als ze opgejut werd. Nar was het type dat genoot van andermans leed en was op z'n zachtst gezegd een pure sadist, totdat hetzelfde bij haar gebeurde. Daar kon ze zó ontzettend slecht tegen, net als een klein grapje met haar. Die waren voor anderen misschien zo ontzettend grappig, maar meestal volgde daar zo'n pijnlijke situatie op dat het voor de grapjassen niet eens meer leuk was wat met Nar uit te halen. Was ze nu een kreng? Ja, die definitie paste vrijwel perfect bij haar, concludeerde Nar uiteindelijk. Nijdig sjouwde ze verder, zonder haar kop naar de hengst de draaien, hoewel ze hoorde dat hij weer wat tegen haar zei. Ignore, ignore, ignore Waarom was dat zo verrekte lastig bij types zoals hij?
Nar siste een niet verstaanbare vervloeking naar de hengst toe. Stalkers verdienden geen aandacht hield Nar zich voor, hoewel haar bloed op het punt stond over te koken. Ze voelde steeds meer de behoefte hem kreupel te trappen en te zorgen dat hij letterlijk zijn hart aan zijn vriendin kon geven als hij die had. Bij de gedachte alleen al likte Nar met haar lichtroze tong langs haar drooggeworden lippen. Ze voelde een siddering toen hij weer voor haar stond.
Nar trok haar bovenlip op en liet haar tanden zien, gevolgd door een luide grom. Opgesodemieterd! Nar liep deed weer een poging tot het verder lopen, de drang om hem de nek om te draaien proberend te negeren. Ze beet haar tanden door haar lip heen en spande haar spieren aan. Alles in haar lijf gilde tegen haar dat ze hem moest aanvallen en ervoor moest zorgen dat hij onder de groene zoden zou belanden.
Nar hoorde de hoeven van hem achter haar en negeerde deze. Pas toen de hoeven duidelijk in een galopbeweging gingen, draaide ze zich op. Voor ze het wist, zat de hengst op haar rug. Nar kon het zware gewicht niet houden en zakte door haar knieën heen, de ijskoude sneeuw in. Ze sloeg een luide schreeuw uit toen hij zijn tanden in haar vlees zette en vloekte met alles wat God verboden had. Ze zag de kans onder de hengst vandaan te kruipen door hem een kopstoot te geven, waardoor hij ietwat versuft was. Dat moest een gigantische pijn doen: De schedel en de botte kop van Nar. Vliegensvlug kroop de merrie overeind, de pijn in haar schoft en benen negerend. Toen ze weer stond, flitsten haar ogen woedend naar het zwarte geval. Hij had zijn zin: Aandacht. Negatieve aandacht was immers ook aandacht.
'Ik zweer bij alles wat me lief is dat ik er voor zorg dat jij niet lopend meer naar je moeke kunt gaan en dat je haar persoonlijk kunt vragen om een graf te graven, waarna je geen daglicht meer zult aanschouwen, hengst,' gromde ze terwijl ze haar lippen aflikte. Ze begon rond de hengst te cirkelen en zocht zijn zwakke plek. Zijn kop met het kapotte oor zag er pijnlijk uit.
Nar brieste luid en sprong op zijn hoofd af. Ze beet hard in het deel waar het kapotte stompje uitstak en deelde met haar hoef een flinke dreun uit naar de borst van de hengst. Rawr

7THE HELL IS TO EASY Empty Re: THE HELL IS TO EASY vr 9 maa - 8:27

Sauron

Sauron

Plots was daar de stoot die hij in eerste instantie niet eens leek te voelen, maar dan schoot de pijn als een rázende door zijn lichaam en hij kon zowaar het kraken van de botten nog horen. Hij was geraakt een een moment van pure angst drong zijn lichaam binnen. Met een ruk was zijn hoofd naar haar gedraaid. Een luide , woedende grom verliet zijn keel. Enkel tijdverspilling. Woorden... Tegelijkertijd die waas die voor zo'n ogen optrad, een grijs , eindeloos gordijn van iets dat op een mist leek. Dit was een spel en hij verlóór. Elk deeltje van lichaam kon plots die angst die de merrie hem had aangejaagd laten voelen. En dit keer werd hij door iets anders gedreven; overlevingskracht. Het instinct liet hem het zachte , fluisterende geluid van haar stem horen en het veranderen in de luide stem waarmee ze eigenlijk praatte, de waas was verdween. Een moment probeerde hij te ontraadselen want ze vertelde, maar dat was een kostbare tijd. In die paar seconden had ze in cirkelende beweging zijn hoofd bereikt. Ze sprong af op zijn meest kwetsbare deel; of eigenlijk het deel dat er niet was. De wond van zijn oor...
BOEM! Een trilling overheerste en de tijd leek stil te staan. Hij kon vaag voor zich zijn voorpluk zien, rood, gedrengd in een vloeistof waarvan het hem nu pas opviel dat het bloed was. De okerbruine hengst vocht, hij vocht tegen de verstikkende wanhoop. En in dit moment wat leek op stilte leek er iets om te draaien. Niet zozeer het feit dat zijn bloederige greep naar honger was verdwenen maar hij dácht. Zijn hersens leken als een machine op gang te komen. Het was niet al te slim om hem van voren te naderen want hij kon nu met het grootste gemak zijn benen weer in een tactische aanval om haar nek slaan. Een schok trok door zijn aderen toen hij de merrie raakte , dit keer gebeurd het met zijn brein. Hij liet zich even meesleuren door de kracht van de merrie, en hoe ze vrij probeerde te komen uit zijn greep. Dan plantte hij in zijn hoeven stevig tegen haar schoft. Een sarcastische, brutale greins trok op, als je deze blik ontcijferde was het moordend ; vol lust. `Hmm, het is al even geleden voor ik mijn laatste maal 'paard' op het menu had staan´ klonk zijn stem, eerder grommend dan echte klanken die zijn stembanden produceerden. Hij gaf een duw tegen het zwarte lichaam van de merrie en zette ditmaal zijn tanden in het stuk vlees van haar schouder. Je kon veel zeggen, maar deze merrie smaakte ronduit héérlijk.
Gretig duwde hij zijn neus in de wond waardoor deze rood was en zelf gruwelijk rood spul uit zijn neus droop. Het pruttelde geluid wat nu te horen was , was het ademen wat zijn longen veroorzaakte. Nu greep hij iets naar boven, naar haar nek waar hij het gebeuren vastgreep waarmee ze ademde. Hij draaide zijn neus rond zodat deze even gestokt werd liet dan weer los. Een stukje huid liet los en hij trok het met in zijn hap. Meteen draaide hij naar een veiligere plaats, haar buik, waar het moeilijk was om hem te trappen en wachtte hij op de aanval. Dit keer waren zijn spieren aangespannen en klaar een klap op te vangen.

8THE HELL IS TO EASY Empty Re: THE HELL IS TO EASY vr 16 maa - 6:45

Nar

Nar
Moderator

Nar merkte, tot haar genoegen, dat haar kopstoot de hengst echt zeer had gedaan. Take that! Nar rook zijn angst, voelde de drang hem aan stukken te scheuren, proefde zijn bloed bijna op haar tong, zag de tweestrijd met zichzelf tussen hetgeen wat zijn hersenen hem ingaven en zijn innerlijke instinct hem vertelde: Rennen of vechten. De gitzwarte merrie daarentegen voelde enkel de bloeddorst en de hunkering naar zijn lichaam met de seconde stijgen. Het enige wat zij wilde, was hem in moten gehakt. Geen enkel bot in zijn lijf zou nog heel zijn zodra zij met hem klaar was, dat zweerde ze bij alles wat haar lief was. Een onherkenbaar verminkt lijk zou overblijven, zijn vlees aangevreten door de ratten en de wolven die dit gebied bewoonden, zijn geraamte gebroken.
Nar trok haar bovenlip op, liet haar tanden zien. Haar schedel klapperde rond haar kop toen ze verwoed met haar hoofd schudde, het speeksel liep uit haar bek toen ze deze iets opendeed. Nadenkend over haar volgende stap in het mentale gevecht, zette ze haar roetzwarte lijf in beweging, liep met aangespannen spieren dichterbij. Nar zag zijn oor bloedden en voelde het absurde verlangen het opnieuw proeven, opnieuw de zoete smaak te laten smelten op haar tong, opnieuw en opnieuw. Net zolang tot haar ellendig kleine lijf verzadigd zou zijn van de rode Godendrank. Nar voelde de bloeddorst dieper door haar keel schuren: De enige remedie ertegen was híj, dood, levenloos.
De wanhoop bij de hengst, wekte bij Nar een sadistisch genoegen op. Hij zal zwichten, smeken om zijn dood. Nar grimaste waterkoud, dreef de spot met zijn radeloosheid. Zijn radeloosheid zou haar redding worden.
Nar voelde een siddering over haar ruggengraat lopen toen ze het vuur in zijn ogen zag: Hij wilde leven, hij wilde vechten. Hij was bereid te sterven voor zijn overwinning.
'Face it, je sterft binnen nu en een uur, rat, je zult het berouwen dat je de bloedhond in me hebt losgemaakt. Al zul je dit overleven, ik jaag je na. Nergens zul je rust vinden,' siste Nar met een verbitterde onheilspellendheid. Ze draaide haar lijf soepel, negeerde de pijn in haar schoft die haar bijna op haar knieën dwong te smeken om het te laten stoppen. Het bloed gutste over haar rug heen, maakte de merrie listig vals van woede. Nar likte opnieuw haar mondhoeken. Nar zag hem dichterbij komen, zond hem een moordende blik, las in zijn ogen wat hij wilde: Haar dood. Nar twijfelde er niet over zich te verzetten: Zíj won. Zíj wel, hij niet. Nar twijfelde er niet aan toen hij zijn hoeven in haar rug plantte, direct terug te slaan. Ze voelde haar ruggengraat kraken onder zijn gewicht, haar knieën knikten opnieuw door. Nar gromde luidruchtig, voelde verontwaardigde woede in haar binnenste opborrelen. Ze schreeuwde luid toen hij zijn gewicht op de voorbenen duwde, hoorde zijn honende stem die haar oren binnen dreunde. Nar was het dit keer voor wederom te vallen. Haar knieën zakten iets door, maar Nar vond de kracht om haar volle gewicht op haar achterhand te plaatsen en gooide zich achterover. Ze trok de hengst mee in haar val door hem op het laatste moment razendsnel bij het andere oor te grijpen. Haar tanden sneden in zijn vlees, haar smaakpapillen werden bevredigd door de zoete smaak van zijn bloed dat in haar mond droop.
Nar had door dat ze zichzelf in de nesten had gewerkt: De hengst was meegesleurd in haar val, maar boven op háár terecht gekomen. Nar schold hem uit, vervloekte hem. De spieren in haar benen trilden angstvallig. Om bij haar nek te komen, moest de hengst zijn kop buigen en onder haar kop bewegen. Nar voelde de martelende pijn onder haar schedel brandden, bloed uit de wonde vloeien. Nar beet hardhandig op haar tanden en sloeg daarna met een geweldige dreun van haar kop de hengst aan de kant. Razendsnel kwam ze opnieuw onder hem vandaan, ditmaal met gespannen spieren en een bloedend lijf: Zijn hoeven waren vlijmscherp.
Ondanks het feit dat haar huid besmeurd was met bloed, dat opspoot uit de wonden, was het krankzinnige idee hem de nek om te draaien steeds aanlokkelijker.
'Ik weet niet wie je bent, maar je zult sterven, vandaag nog.'

9THE HELL IS TO EASY Empty Re: THE HELL IS TO EASY do 22 maa - 8:18

Sauron

Sauron

In een flits, in één enkele seconde voelde hij hoe langzaam de energie uit zijn lichaam vloeide. Hij wist het, er zou een moment komen dat zijn spieren het zouden begeven. Maar hij niet alleen, ook de merrie stond er lastig voor en had ook niet de kracht van de wereld meer. De rode vloeistof waar hij zo naar verlangd had , droop nu als waterval van zijn lichaam af. Een deel van hem en een deel van haar, hun bloed was voor altijd verenigd. Ditmaal werd hij misselijk van het rode spul, was het zelfs een gruwelijk beeld. Zelfs de sneeuw onder hun hoeven was roodgekleurd en gewoon misselijkmakend. Ze stonken naar bloed maar ook naar zweet. Het beeld voor zijn ogen trilde op zijn netvlies, de levens in 'het spel' waren drastisch naar beneden gezakt. Zo ook die van de merrie. Ondanks het energieverlies tilde hij zijn mondhoeken omhoog in die brutale greins. Zijn adem stokte en hij kuchte luidkeels waarbij er speeksel en bloed loskwam en zijn mond verliet.
Een glans van zijn ogen...een uitdrukking in zijn blik...slechts een hersencel die nadacht...hij wist wat hij moest doen...
Zijn ogen stonden nu of hij ten prooi was gevallen aan onbeschrijfelijke angst, of hij innerlijk verscheurd was. Op dit moment had hij keuze tussen het gevecht aangaan en hierbij sterven of overwinnen óf met zijn laatste krachten het op een lopen zetten. Zijn ogen hadden het antwoord veraden, het was het laatste...
`De vlam die is aangewakkerd is nog niet gedoofd´. Deze woorden waren slechts om de merrie even af te leiden en te laten denken zodat hij tijd kon winnen. Met een behendige pas stond hij dan ook meteen erna omgedraaid en trok hij zonder twijfelen zijn benen van de grond in een heftige galop. Aan zijn bewegingen kon je zien dat hij pijn had, maar het was lichtelijk overdreven. Alsof hij toch wilde dat de merrie hem achterna kwam en ze dit gevecht afmaakten maar hij rende toch weg van haar met een voorstand die ze niet zou kunnen inhalen.
Een spoor van bloed liet hij achter in de sneeuw en hij merkte dat het vreselijk zwaar was om door deze wittigheid heen te galopperen. Met een gil bevestigde hij dat hij zijn lichaam verkeerd had ingeschat en hij wist dat hij het niet zou redden. Óf hij zou ergens dood neervallen óf de merrie zou hem te grazen nemen. Beiden waren absoluut niet eervol en zo zou hij niet willen sterven. Woedend draaide hij zich om nam aan dat de merrie hier over enkele seconde wel zou staan. Hij had energie verloren door deze vluchtactie en de merrie was nu zeker een voordeel. Sauron kon zelfs elk moment inzakken.

10THE HELL IS TO EASY Empty Re: THE HELL IS TO EASY do 22 maa - 9:31

Nar

Nar
Moderator

Nar voelde haar spieren protesteren, haar botten branden en haar hersenen tegenwerken. Met moeite hield ze zich op de been. Met moeite hief ze haar kop. Met moeite bleef ze de vechtlust vasthouden. Haar vel zou ze duur verkopen: Niemand versloeg haar zonder zelf mee de dood in gesleurd te worden. Niemand. Nar spuwde bloed uit: De klap met de schedel tegen de botte kop van de hengst had knal gegeven tegen haar gebit waardoor ze hard op haar tong gebeten had. Nar likte langs haar lippen haar eigen bloed op, proefde de bittere smaak van verlies tot diep op haar tong. De nu teleurstellende vloeistof die tot dusver door de aderen van de hengst gestroomd had, smaakte wrang.
Nar voelde de lucht langs haar longen schuren, de zuurstof door haar luchtwegen raspen. Hijgend snakte ze naar adem, dat zich schroeiend een weg door haar luchtpijp baande.
Het bloed stroomde langs haar lijf: De eerdere wond van de hengst stak in de zenuwen van de merrie en liet haar half verstijfd stilstaan. Haar ogen stonden vurig, ondanks het feit dat haar lijf simpelweg niet meer aan kon. Het idee dat de dood haar te wachten stond, vrat aan haar. Ze wilde niet sterven. Een oeroud instinct had zich vastgeklampt aan alle mogelijke manieren om te overleven, te survivallen.
De schikgodinnen zouden nu twijfelen of ze haar levensdraad door zouden scheuren en zo haar geest van haar lichaam los geknipt zou worden. Nar wachtte op het moment dat haar ziel zich los zou rukken van haar lijf.
Red me van deze nachtmerrie.
Haar hart bonsde luidruchtig en het verbaasde Nar ergens dat de hengst er niet een hatelijke opmerking over had gemaakt. De gitzwarte merrie voelde er niets voor nu nog een stekende kanttekening naar hem toe te smijten, hoewel het haar natuur was.
Nar was inderdaad kort afgeleid door zijn diepgaande, diepzinnige woorden. Verwonderd keek ze hem aan, niet in staat een woord uit te brengen.
'Wacht!' stootte ze uit, een nieuwe golf van bloed uit spuwend. Moeizaam zette ze de achtervolging in, in een trage, kalme stap. De ultieme overgave.
Nar wilde hem niet meer aanvallen. Ze had nu vragen. Vragen die op haar tong brandden.
'Wie ben je?' bracht ze hijgend uit toen ze hem, in een plas van zijn eigen bloed, stil zag staan in de wetenschap dat hij, evenals haar, gebroken was.

11THE HELL IS TO EASY Empty Re: THE HELL IS TO EASY do 22 maa - 10:05

Sauron

Sauron

Tot zijn verbazing strompelde de merrie door de sneeuw naar hem toe , ditmaal zonder ook maar enig teken van een aanval die ze misschien wilde gaan inzetten, maar overgave. Hoewel zijn lichaam protesteerde tegen elke beweging was zijn trots niet verdwenen en stonden zijn lippen nog omhoog gekruld. Meet rollende beweging draaide hij zijn spieren naar voren. Dit was niet uit dominantie maar puur om het feit dat dit gewoon zijn karakter was. Brutaal, en op een manier waardoor alles wat hij zei gestoord leek. Hoewel zijn lichaam er beheerst uitzag had hij van binnen pijn , immense pijn. Snuivend en half hoestend bracht hij zijn neus naar een wond aan zijn flank. Dit was een van de grote, diepe die hij had opgelopen en hij likte met een verwrongen gezicht de rode druppels weg.
'Wie ben je?'. Zijn ene oor ving het woord op maar het bloed dat uit de door de merrie veroorzaakte wond kwam verstopte zijn gehoorgangen dus hoorde hij het met moeite. De neusvleugels van de modderkleurige hengst bewogen in een rap tempo en ook zijn flanken gingen verwoed mee. `We worden niet naar het verre land gevoerd , is het niet?´ was het vage antwoord, alsof hij in de war was, maar de merrie zou op dit moment beter moeten weten `Sauron trouwens.´ Hij zwaaide zijn hoofd weer in haar richting, nog steeds zwak maar toch met trots.
`Mijn plan was bijná gelukt schedelmerrie, ik had je laten sterven´ gromde hij met een dreigende kracht die zijn woorden meenamen. Dit was de zóveelste stemmingswisseling. Misschien was hij voor andere paarden gewoon een raar beest, in zijn hoofd klopte alle puzzelstukjes. Nu draaide hij zijn hoofd weer van haar af naar de sneeuw achter hem. Met zijn hoef wreef hij dan de sneeuw weg. Een donkere ondergrond was zichtbaar, maar het was duidelijk géén gras.
Hij greens, draaide zijn hoofd. Bijna zeker was hij ervan dat deze merrie slim was, ze zou wel snappen wat hij bedoelde. Op de plek waar hij namelijk de sneeuw had weggewreven was geen gras te zien maar íjs. Als de merrie hem nog eens had aangevallen had hij haar enkel richting het ijs hoeven te drijven zodat ze daar in het ijskoude water zou kunnen sterven met zijn feloranje ogen op haar gericht.
`Het verre land...´ bromde hij `Vandaag het eeuwige land ter vrede´. Er was niemand gestorven daar doelde hij op. `Ach ik heb nauwelijks hersenen die aangetast kunnen worden, don´t worry´. Een donkere schaduw overheerste zijn blik, als een verdoemde ziel die uit de hel ontsnapt was. Eigenlijk maakte het hem geen reet uit wie deze merrie was maar ze had zijn aandacht. Hij wilde haar plannen háár ambities weten. Dat was nou interessant.
Zijn ogen waren vol vlammen maar er kwam geen warmte van af, in tegendeel. `Wat is de rede dat je je simpelweg niet hebt laten doden in dit gevecht? Heb je een levensdoel? Of was het gewoon je instinct?´ hijgend van de vele woorden sprak hij het uit. Hij reageerde net of er geen gevecht was geweest, of er niks was gebeurd. In zijn hoofd was er enkel een storing geweest en dat was uit gelopen op een bijna dood ervaring, NOU ÉN.

12THE HELL IS TO EASY Empty Re: THE HELL IS TO EASY vr 23 maa - 6:44

Nar

Nar
Moderator

Nar stapte dichter bij, naar de hengst toe. De stemmingswisselingen van hem vond ze ergens intrigerend, misschien zelfs wel fáscinerend. Nar brieste door haar natte, inmiddels bloedrood geworden neus. Ze moest toegeven dat het respect afdwong: Zelfs na de pijnlijke toe takeling van haar, hield de hengst zijn trots vast. Hij weigerde toe te geven aan zijn pijn, iets wat Nar zowel ontzagwekkend als angstaanjagend vond.
Zelf had ze een grens waarna ze niets meer uitdrukkingen kon doen zonder een weeïge bijsmaak van haar werkelijke gevoelens er naast te laten zien. Indrukwekkend. Het woord sloot vrijwel perfect aan op wat de hengst was.
Nar keek ergens verbaasd toe toen ze zag hoe hij zijn wonden schoon likte. Ergens was het aandoenlijk, maar Nar voelde een bewondering in haar binnenste naar boven komen. Wie was hij?
Nar spitste haar oren toen hij begon te praten. Ze luisterde aandachtig en liet een verbaasd geluidje horen: Was hij ook van de filosofische, nietszeggende uitspraken? Interessant! Nar twijfelde kort over wat ze moest antwoorden, maar de wetenschap dat hij toch amper zou luisteren naar wat hij te zeggen had stopte het twijfelen over niets.
'Zeker. En er gaan nog velen volgen, geloof me,' antwoordde Nar met een lichtelijke ernst in haar stem. Wat ze wilde bereiken met die opmerking, was voor haarzelf ook nog een raadsel. Ze schudde haar kop en negeerde de protesterende spieren in haar schouder. Hoewel het bloeden nu gestopt was, deed de wond nog steeds zeer, veel zeer. Haar schedel klapperde op haar kop en ze draaide met haar oren, recht naar de hengst toe. Sauron. Zijn naam was Sauron. Nar grimaste bitter voor ze antwoordde. Hij leek nog meer te willen zeggen. De trots was weerspiegeld in zijn houding.
Nar kreeg een donkere blik in haar ogen toen hij vermeldde dat het gevecht bijna haar fataal was geworden.
'Dat weet ik, Sauron, dat weet ik,' lispelde ze afwezig. Ze brieste ruw door haar neus, ademde scherp - veel te scherp - in via haar mond. De zuurstof raspte langs haar luchtpijp en brandde zich een weg naar haar longen. Ze keek. Ze keek toe hoe de hengst, die kennelijk de naam Sauron droeg, de sneeuw weg schraapte, haar liet zíen dat de aarde niet overal bestond uit hemels groen gras. Nar grinnikte wrang.
'Nee, Sauron. Het land van de vrede bestaat niet. Het is een utopie die nooit werkelijkheid zal worden. Mocht het tijdperk ooit aanbreken waarin iedereen geaccepteerd wordt, ondanks zijn imperfecties. Ik ben een tegenstander van die wereld en een scepticus: Het bestaat niet,' antwoordde Nar terug op zijn filosofische uitspraken. Ze wendde haar roetzwarte kop naar de hengst toe, richtte haar kogelzwarte ogen recht op zijn - wonderbaarlijk genoeg - feloranje ogen.
Híj geen hersenen? Nar trok een scheve streep van haar mond. Kort daarna tuitte ze haar lippen: Ze dacht na. Hij stelde vragen die uitdagend genoeg waren, of dat deed hij nog niet eens. Nar vroeg zich voor één van de eerste keren in haar leven zich af wat hij dacht, wat zijn volgende stap zou zijn. Hij verbaasde haar echter opnieuw toen hij vroeg wat haar drang tot overleven was geweest. Nar knipperde een keer verbaasd met haar ogen, niet gewend om verrast te worden.
'Ik vecht voor wat ik waard ben. Niemand, maar dan ook niemand, troeft me zomaar af. Niemand doodt mij zonder dat ik diegene zelf in het graf meesleur. Ik weiger eerloos ten onder te gaan: Mijn trots speelt daarbij teveel op, hoewel ik niet denk dat we in dat opzicht veel van elkaar verschillen,' zei Nar, met een grijns spelend rond haar mondhoeken.
'Je fascineert me, ik kan geen hoogte van je krijgen.'

13THE HELL IS TO EASY Empty Re: THE HELL IS TO EASY zo 25 maa - 7:29

Sauron

Sauron

`Dat weet ik, Sauron, dat weet ik´. Hij greens weer met die bijdehante glimlach. De okerkleurige hengst hoorde het gráág uit haar mond. Onbeschaamd glinsterden zijn ogen met tegelijkertijd de dodelijk precisie die erin lag. Toch wist hij dat als de fout in zijn hoofd niet op tijd was opgelost hij alsnog onderspit had gedolven. Het was Sauron opgevallen dat de schedelmerrie ruw had gebriest. Dit was in zijn hoofd misschien nog wel duidelijk dan haar woorden, ze vond dit zacht gezegd niét prettig. Nog een reden voor hem onbeschoft lachje te laten klinken, hij had nog niet eens gewonnen maar in dit soort situatie's had hij vreselijke lol. Tegelijkertijd was hij er bewust van dat de merrie misschien wel beledigd haar hoeven in zijn lichaam zou plantten als hij zo doorging. Ách, bedacht hij zich dan met hetzelfde lachje, als ze haar hart en ziel maar in het gevecht zou stoppen.
`*Acta est fabula´ was zijn intonatie. Het was deels om haar te imponeren maar deels óók om haar uit te testen. Was ze werkelijk zo slim? Kon ze verstaan wat hij te melden was of was dit een soort geheime taal voor haar? Hij hield ervan door middel van moeilijke woorden en slimme zinnen de tegenstander te verbazen omdat hij in eerste instantie leek op een kokosnoot zonder inhoud. De merrie was er op de een of andere manier al achter gekomen dat hij niet zomaar een lege ziel was maar weldegelijk hersens bezat. Dat was al een prestatie op zich.
Hij wist de energie op te brengen om zijn recht overeind staande manenbos heen en weer te schudden en zijn schouders licht te bewegen. De modderkleurige hengst wist dat het een kwestie van weken zou zijn voor de wonden op zijn lichaam geheel genezen waren. Een wond , die ene op zijn flank, was zelfs zo erg dat je half zijn eruit stak steken en daar moest hij écht mee uitkijken. Wonden zoals die konden nog eens gaan ontsteken en dat kon simpelweg zijn dood beteken. Zijn verminkte hoofd was enkel nóg verminkter geworden maar daar maakte hij zich niet zo druk over. De merrie had zijn oren goed te pakken genomen maar niet zó hard doorgebeten dat er nog een oor af lag [goddank!]. Zwierig schudde hij zijn schouders lichtjes wat op een neer, hij dulde geen spierpijn morgenochtend. Zijn identieke ogen waren weer op haar gericht.
Vroemvroemvroem, de zin van de merrie had hem aan het denken gezet en zijn brein werkte niet meer als een goed geoliede machine. Hij snapte haar principe maar de woorden werden hem teveel. Utopie, scepticus ? Hij grinnikte luidkeels. `Hmm.. ´ bedacht dan dat de merrie er ook nog was en toonde zijn manieren door even te vriendelijk te knikken maar dan trok die brutale greins weer op `Waaatt?...´. Hij lachte weer, schoot in de lach, een schaterlach. `Met álle respect...´ hikte hij `Maar ik snap er geen bal van´. Zijn verraderlijke blik schoot weer terug in de ongenaakbare plooi van zijn aparte blik. `Je zult wel denken... áchterlijke gladiool dat ie is´ grinnikte hij dan weer door `eeeen dan zeg ik; indeed!´.
Nu , slechts een seconde later, was het lachen gestopt, luisterde hij weer aandachtig naar haar woorden -waaruit je kon opmaken dat hij weldegelijk geïnteresseerd was in haar-. `Goed punt, goed punt, zorg er dan maar voor dat het vlees niet van je lichaam rot want die wonden zien er akelig uit. Lijkt me ook geen fijne dood´.
'Je fascineert me, ik kan geen hoogte van je krijgen.' WOW !
Hij tilde verbaasd zijn wenkbrauw op, dit keer had de merrie hém verbaasd. Zijn hele leven lang was hij altijd het lelijke eendje geweest, die ene die niks kan, de domste van het groepje. Maar nu, nu vertelde deze schedelmerrie hem dat hij haar fáscineerde. Een greins speelde met zijn lippen, en hij kon deze niet onderdrukken.
`Mijn beurt; hoe heet je merrie? Aangezien je aangeven hebt niet graag schedelmerrie genoemd te worden. Ik dacht op de geur van een kudde te ruiken is het niet?´.

*Het spel is afgelopen.

14THE HELL IS TO EASY Empty Re: THE HELL IS TO EASY zo 25 maa - 9:26

Nar

Nar
Moderator

Nar grinnikte bij het zien van de bijna bezeten blik van de hengst. Unique. Het deed pijn aan haar keel toen de lucht er weer doorheen stroomde. Het lachje daarentegen zorgde dat Nar lichtelijk geïrriteerd omkeek en hem een vernietigende blik toe wierp. Er waren grénzen bij haar, hoewel ze niet de indruk had dat ze zich daar nu nog heel erg aan hoefde te houden. Ze hadden op het punt gestaan elkaar te doden en nu lachten ze erom, ironisch genoeg. Nar likte langs haar lippen, waar nog altijd het achteraf smakeloze bloed van Sauron aan haar mondhoeken kleefde. Ondanks dat het bijna haar dood geworden was, had ze er geen spijt van: Het had haar een kick gegeven dat ze zelfs hengsten die groter waren dan haar kon toetakelen. Weliswaar moest ze niet te vaak dit soort gevechten voeren, want dat zou haar fataal worden. Mijn leven is me te lief: Te lief om zomaar ten gronde te gooien, te lief om te vernietigen door toegeving aan de hunkering na een dood lijf.
Nar huiverde toen een koude luchtstroom langs haar huid trok en tegen de zenuwen aanbrandde die nu open lagen. Het bloed op de wonden stolde sneller door de ijskoude temperatuur die hier een ijzige boventoon voerde. Het was bár koud, zelfs voor een toendra in de lente. Van een "zon die de bloemen uit hun nachtelijke slaap wekte", was geen sprake. Nar keek op toen de hengst in een voor haar wildvreemde taal verder ging. Ze trok haar wenkbrauw op en draaide met haar oren.
Ze volgde zijn bewegingen nauwkeurig, nog niet helemaal wetend wat zijn volgende stap zou zijn: Ze vond hem een wonderbaarlijk wezen.
Nar trok haar wenkbrauw op toen Sauron in de lach schoot en merkte tot haar stomme verbazing dat ze spontaan mee begon te lachen, iets wat in geen jaren was voor gekomen. Hij maakte iets in haar los.
'Volgens mij begrijp je donders goed wat ik probeer te zeggen, Sauron: Je lijkt me niet een dom figuur en misschien zelfs wel slim, maar dat mag je zelf verder uitpluizen,' antwoordde ze met een schampere lach rond haar kaken. Verrast keek Nar opnieuw op toen Sauron zijn lach zó plotseling inbond dat de stilte die erna volgde bijna schokkend was. Nar liet de lucht die ze onbewust had vastgehouden tussen haar lippen door ontsnappen, wat een fluitend geluid gaf. Ze begon echter te grijnzen toen de hengst een opmerking maakte over haar uiterlijk, maar die maakte abrupt plaats voor een bitterde trek rond haar mondhoeken.
'Zo behandel je een dame niet nee, eigenwijs stuk potvreten. En misschien kun je ook even naar jouw plekken kijken, want die verdienen nou ook niet bepaald de schoonheidsprijs, niet?' zei Nar met een scherpe ondertoon in haar stem. Die opmerking had Sauron beter achterwege gelaten.
Nar merkte dat de hengst op z'n zachtst gezegd verbaasd was toen ze hem meldde "leuk" te vinden.
'Je mond hangt open,' merkte ze droogjes op toen hij weer als een imbeciel stond te grijnzen. Idioot. Nar draaide haar kop wat scheef en keek hem schattend aan toen hij haar naam vroeg.
'Zegt de naam 'Nar' je iets?'

Gesponsorde inhoud



Terug naar boven  Bericht [Pagina 1 van 1]

Permissies van dit forum:
Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum