Je bent niet ingelogd. Log in of registreer je

Losing the game.

4 plaatsers

Ga naar beneden  Bericht [Pagina 1 van 1]

1Losing the game. Empty Losing the game. ma 12 dec - 5:54

Sultan

Sultan
VIP

Temperamentvol, behendig, een tikkeltje prikkelbaar maar bovenal vriendelijk. Dat waren de woorden die zijn karakter het beste omschreven. Paarden zagen hem als een vriendelijke hengst, die nooit iemand kwaad zou durven en kúnnen doen. Sultan was anders dan iedereen dacht, véél anders. Dat had vooral met zijn verleden te maken, want dat had zeker blijvende littekens in zijn hart achtergelaten. Trofeeën van oude vrienden, zo noemde zijn vader het altijd. Sultan zag het niet als trofeeën, eerder als nare herinneringen die nooit meer uit zijn hoofd én hart zouden verdwijnen. Erin gebrand, maar gelukkig had hij het in de loop van de tijd wel een plaats kunnen geven. Zodat hij nu toch met zijn leven verder kon, want hij had beloofd dat hij er iets van zou maken wat er ook gebeurde. Nu was het enigste wat hij moest doen voor zijn dood, die belofte waarmaken. Laten zien dat hij een echte vechter was en absoluut geen opgever. Sultan had het idee dat hij dat al had laten zien aan verschillende paarden, hij stopte pas als hij zijn doel bereikt had. Pas dán was de zwarte hengst tevreden.
De koele wind streek langs zijn vacht af, Sultan kwam tot stilstand waarbij hij zijn hoofd hoog ophief. Zijn neus stak hij in de lucht, zijn oogleden vielen dicht en zijn oren draaide verschillende kanten op, om zo de geluiden van zijn omgeving op te kunnen vangen. Het geruis van het zoute water was duidelijk hoorbaar, het overstemde zijn gedachtengang waardoor hij alerter bleef. Sultan snoof zachtjes de geur van het gebied op, schudde vervolgens zijn hoofd een keer en opende zijn reebruine ogen, die met een fonkeling over het landschap tuurde. Geen enkel paard in de buurt, geen wezen of levend iets; hij was helemaal alleen. Wat hem eindelijk wat tijd gaf om over zijn leven na te denken, want wát wilde hij nou precies?
De zucht die daarnet zijn mond had verlaten, was zacht geweest. Zijn ogen staarde doelloos naar de grond, terwijl zijn voorhoeven precies langs elkaar stonden en zijn achterhoeven een tikkeltje uit elkaar; om zo zijn evenwicht te houden. Sultan sloeg zijn staart tegen zijn edele, desondanks zeer gespierde lichaam aan. De winter was aangebroken, het zou niet meer lang duren of de eerste sneeuwvlokken plakte zich tegen de bevroren grond. De ontspannen blik in Sultan's ogen keerde terug, terwijl zijn linkerachterhoef op rust gezet werd.

[Open voor iedereen.]

http://twilightgame.actieforum.com

2Losing the game. Empty Re: Losing the game. ma 12 dec - 8:56

Claude

Claude

Een natte vloeistof reikte tot aan de hengst zijn vacht, waardoor hij een prikkend gevoel voelde. Niet dat hij opstond, nee, hij bleef liggen, te moe om op te staan, waar was hij? En het belangrijkste, wie was hij? Zijn herinneringen waren weg, alsof ze weggespoeld waren met de... Zee. De zee, was dat wat hij voelde tegen zijn appelgrijze vacht, dikker geworden door de jaarlijkse seizoenenregeling. Zijn ademhaling was constant, terwijl hij daar lag, deed hij niks, zelfs zijn zintuigen had hij allemaal uitgeschakeld, maar ze zouden zo weer kunnen aanspringen. Het enige wat hij deed, was ademhalen, je kon het in en uitademen van hem zelfs horen. Hij bleef liggen, maar begon eens te luisteren, en te ruiken, de zoute geur van het zeewater vloog zijn neus direct binnen en hij hoorde zo nu en dan het gekrijs van de meeuwen. Nog steeds doelde de vraag door zijn hoofd, wie was hij? Om een beter zicht te krijgen over de situatie, en zijn omgeving, legde hij zijn benen opgevouwen onder zich, nu reikte het zeewater niet meer tot zijn rug, maar tot zijn benen, die naar de zeekant lagen. Hij opende zijn heldere ogen en nam zijn omgeving in zich op. De grond onder hem was warm, waarschijnlijk omdat hij er wel even had gelegen, en de sneeuw was gesmolten, maar voor de rest werd het ,normaal zanderige, oppervlak bedekt met sneeuwvlokjes. Zijn oren die rustig naar rechts en naar links hingen, kwamen langzaam recht, en hij hoorde alle geluiden, het golven van de zee, het gekrijs van de meeuwen en het gieren van de wind. Hij pijnigde zijn hersenen, nog steeds niet wetend wie hij was, was hij, even keek hij rond, paard, de zee, hij was zomaar hier aangekomen. Hij moest toch een naam hebben. Na even nadenken schoot er een verhaal door zijn hoofd, over een god, genaamd Poseidon, de god van de zee, en de maker van de paarden, degene die de sierlijke dieren gecreëerd had. Hij was een paard, dat wist hij wel, en hij was zomaar gestrand aan de zee, even dacht hij na, om uiteindelijk te besluiten zichzelf Poseidon te noemen. Nu hij een naam had kon hij weer verder met andere dingen. Hoe oud hij was wist hij ook niet, wanneer hij verjaarde ook niet, hij wist niks meer. Poseidon zette zijn voorbenen voor zich uit, en duwde zich verder omhoog met zijn achterbenen. Hij schudde zich een beetje uit, waardoor er wat spetters van zijn lijf vlogen, en zette een paar stapjes. Hij voelde zich net een veulen, dat nog maar net kon staan, die eerste pasjes waren wankelend, en lastig, maar daarna ging het makkelijker. En ja hoor, het was net een tweede geboorte, na een tijdje ging het lopen weer makkelijk en met zijn hoofd laag bij de grond liep hij verder. De wind stond zijn kant op, en een geur vloog zijn neus binnen, een geur van, een paard. Nog een paard! Hij was blij dat hij niet op een onbewoond eiland gestrand was. Maar wat zou dat paard wel niet van hem denken, hij zat onder de wonden, en littekens, waarvan hij niet wist hoe ze kwamen. En zijn vacht was helemaal warrig, en niet meer mooi, zoals het kon zijn. Hij zette een drafje op, wat moeilijk ging, wow, hij leek net een veulen, dus besloot hij zijn passen nog maar wat te versnellen, en te galopperen. Hij hief zijn hoofd wat meer en voelde hoe zijn borstkas op^en neer ging, hij moest weer wennen aan het rennen. Na een tijdje kreeg hij een zwarte hengst in zicht, hij liet zijn hoofd weer een tikkeltje zakken, en vertraagde langzaam. Hierna hinnikte hij, om het paard te begroeten, en te laten weten dat hij geen slechte bedoelingen had, dat liet hij horen in de hinnik. Hij stond stil, ongeveer vijf meter van het paard af en zei ‘Hallo.’ Hij hoorde de klanken van zijn tong rollen en luisterde goed hoe zijn stem klonk. Aangezien hij dat ook al niet meer wist. Even wachtte hij, waarna hij zijn hoofd ene tikkeltje kantelde en het paard in zich opnam. Zijn houding was vriendelijk, dat was goed. ‘Weet jij waar ik ben?’ vroeg hij, en hij luisterde alweer naar de klanken die vloeiend uitgesproken werden door hem, en het fascineerde hem, zo’n klein beetje.

3Losing the game. Empty Re: Losing the game. di 13 dec - 2:31

Panarea

Panarea

'Pan! let op!' Galmde een stem door de lege vlakte heen. Panarea's gidzwarte ogen keken de hengst woest aan. Ze was dan wel een stuk kleiner maar daarom liet ze niet op haar roepen. Haar bruine vachtje was licht bezweet. Ze was amper een jaar oud maar wist wel hoe ze moest vechten. Ze draaide koppig haar hoofd om en stapte weg. Ze had haar hoofd trots in de lucht gehezen net als haar staart. Ze hoorde haar vader iets morren maar keek niet achterom. Ze hoorde zijn hoeven neer komen op de grond en drukte haar oren steviger tegen haar schedel aan. Vanuit haar ooghoeken keek ze hem aan en liet ze haar tanden zien. De hengst echter trok er zich niets van aan en haalde haar zo in. Hij greep haar bij haar hals en zwaaide haar tegen de grond aan. Panarea schudde versuft haar hoofd. Ze keek de hengst nijdig aan en sistte iets tussen haar tanden door. Hij dacht toch niet dat ze naar hem zou gaan luisteren?! De hengst hees zijn hoef omhoog en stampte tegen de grond aan. De hoef kwam langs haar hals neer en Panarea keek de hengst geschrokken aan. 'Je zult luisteren en respect tonen! Je wordt niet z'n ontdankbaar schepsel als je moeder!' Weerklonk er over het gebied heen. Panarea slikte even en stond recht. Ze zwiepte met haar staart tegen haar flanken aan. Ze hees haar hoofd trots de hoogte in en keek de hengst woedend aan. "Spreek zo niet over mijn moeder!" Siste ze ijskoud tussen haar tanden. Ze draaide haar om op haar hakken. Het enige wat ze achterliet was een stofwolk.






Panarea herinnerde zich de momenten perfect. Ze was vaak zo koppig geweest. Volgens haar vader was ze koppiger als haar moeder maar ook slimmer. Hij had altijd gezegd dat haar moeder slim was maar dat zij slimmer was. Ze wist niet of dat volledig klopte. Kharrea was impulsiever geweest als ze vocht. Panarea kon meer nadenken op zulke momenten, vroeger toch. Nu ze hier in Dh was, voelde ze die wraakmomenten in zich op komen. Hier had haar moeder geregeerd, hier zou ze haar eren. Een valse grijns stond rond haar lippen gekruld. Haar slanke oren tegen haar schedel aan gedrukt. Ze strekte haar benen netjes uit terwijl ze draafde. Het mulle zand was een perfect trainingsobject voor haar spieren. Zo trainde ze haar spieren ook wat meer. De adrenaline gierde door haar aderen heen. Ze volgde al een tijdje een spoor. Eentje die haar wat meer over haar verleden kon vertellen. Ze had blijkbaar een goedzak als oom. Een of andere hengst die de broer van haar moeder moest zijn geweest. Panarea snoof luid. Sultan ofzoiets heette hij. Ze moest al walgen van die naam en de geur die ze nu nog steeds in haar neus had zitten. Het was misselijk makend. Het was zowat de eerste keer dat ze de geur van een goedzak in haar neusgaten kreeg. Tot een paar weken geleden kende ze amper een andere geur van de duistere wezens die in het donkere bos woonden waar ze was opgegroeid.

In de verte zag ze twee paarden staan. een schimmel en een zwarte. Een valse grijns krulde rond haar mondhoeken heen toen ze erachter kwam dat die zwarte vast haar oom moest zijn. Ze had haar oren tegen haar schedel aan gedrukt. Haar vacht was nat van het zweten, schuim zat op haar lippen en tussen haar benen. Ze krulde trots haar hals was en hees haar staart de hoogte in. Nu zag je de duidelijke arabische trekken in haar bouw. Ondanks dat ze groot was zweefde ze als ze draafde. Pan leek nu zoveel op haar moeder dat Sultan wel moest doorhebben dat ze de dochter was van Kharrea. Ze rechtte haar hals en ging over in een stap. Haar gidzwarte ogen waren koud, ijskoud. Geen enkele emotie was er voor de rest in te lezen. Panarea had net zo'n mooie stem als Kharrea, enkel met wat andere tonen. Ze hielt een meter of 3 voor de zwarte hengst halt en keek hem strak aan. Haar neusgaten stonden wijd open. Ze was teleurgesteld in wat ze zag. Ze het toch een iets of wat inrukwekkender iets verwacht. Hij had immers gedeeltelijk hetzelfde bloed als haar moeder. Nogmaals kreeg ze het bewijs dat sleche paarden beter waren als die goedzakken. Ze walgde nog steeds van de stank dat de dieren afstootten. De witte hengst had ze nog geen blik gegund. Eerst moest wou ze het leven van haar oompje nog wat verzieken. Waarschijnlijk een van de hobby's geweest van haar moeder. 'Ik had mij toch een iets imposanter iets voorgesteld. Als jij de broer van mijn moeder moet wezen vraag ik mij toch af wat er mis is gegaan bij jou geboorte.' Zei ze droogjes. Panarea legde niet vaak veel intonatie in haar stem. Het was redelijk toonloos en toch zo stekend. Zo zou ze nog wel eens wat moeite doen om wat intonatie in haar stem te leggen. Dan zouden ze zeker horen dat ze de dochter was van Kharrea.

4Losing the game. Empty Re: Losing the game. di 13 dec - 6:36

Sultan

Sultan
VIP

De ruisende wind doe door de takken van de hoge bomen kronkelde, maakte een rustgevend geluid. Geheel ontspannen had hij zijn ogen op zijn omgeving gezet, zoekend naar misschien enig gezelschap; nieuwe paarden om te ontmoeten. Zachtjes brieste hij, hief zijn edele hoofd op en sperde zijn zwarte neusgaten, om de geur die hij daarnet rook nogmaals op te nemen. Een ander paard was in de buurt, maar Sultan bleef koppig staan en wachtte af tot het paard zou laten merken dat hij trek had in gezelschap. Al snel klonken hoefslagen tegen de verharde ondergrond, langzaam draaide de inktzwarte hengst zijn enigszins gespierde lichaam om. De reebruine ogen van Sultan priemde in die van de witte hengst voor hem, terwijl een klein grijnsje zijn lippen versierde. Een nieuweling, dat was duidelijk; Sultan had hem hier anders nog nooit opgemerkt.
Toen hij zijn begroeting hoorde, knikte Sultan en liet zijn ogen even kort over hem heen glijden, om zijn houding te bekijken. Waarschijnlijk een vriendelijk paard, die uitstraling had hij althans wel. 'Hé.' Gemakkelijk rolde de woorden over zijn tong, Sultan liet zijn hoofd een tikkeltje zakken zodat hij niet dominant over zou komen, want dat was vaak het geval bij hem. Daaraan was dan ook meteen te merken dat hij een leider was, zo stelde hij zich in ieder geval wel op. De vraag van de hengst deed hem even grinniken, nu wist hij zéker dat hij nieuw was. 'Je bevindt je op Dream Horses, op dit moment in het gebied de Zee. Maar dat was volgens mij wel duidelijk.' Beantwoordde hij de vraag van de hengst. Nog een geur drong zijn neusgaten binnen, waardoor hij meteen zijn hoofd omdraaide.
Haar bouw, de manier waarop ze keek. Alles leek zó op zijn halfzus Kharrea. Dat moest haar dochter zijn, dat kon niet anders. Snuivend keek hij haar aan, een minachtende blik lag in zijn ogen en toen hij haar woorden hoorde lachte hij spottend. 'Ik denk dat je dat beter over je moeder kunt denken, we waren allemaal goed en je moeder was slecht. Zij was dus het buitenbeentje.' Nadat hij had gesproken gleden zijn ogen naar de witte hengst voor hem, waar hij zijn naam nog niet aan verteld had. 'Mijn naam is trouwens Sultan.' Zachtjes snoof hij. De oren van Sultan gleden ietwat naar achter toen de geur van het jonge paard zijn neusgaten binnen vloog, het was echt de dochter van Kharrea. Haar geur was herkenbaar en ook de bouw was zo wat het zelfde.

http://twilightgame.actieforum.com

5Losing the game. Empty Re: Losing the game. za 17 dec - 23:19

Vanilla

Vanilla
VIP

Een simpele beweging zette zijn spieren in actie, wat veroorzaakte dat zijn manen door de lucht vlogen, en er wat sneeuw van hem af vloog. Elke beweging die zo normaal was voor elk paard. Zoals hij net deed, zich uitschudden, voelde zo nieuw aan, maar ook weer zo normaal. Aan de ene kant was het zoals ademen, dat was je vanaf je geboorte gewend, maar aan de andere kant was alles zo nieuw, alsof hij in een totaal andere wereld was belandt, waar alles anders was. Zijn blik was gericht op de zwarte hengst, die er trots bijstond. Wauw, dat was het enige wat door het hoofd van de grijze appelschimmel heenging. En nu kwam het moment dat hij opkeek tegen de hengst, wiens uitstraling zo goed was, maar ook trots, en dominant. Zo, geweldig. Meteen, zonder dat hij het door had ging Poseidon een beetje staan zoals de zwarte hengst stond, natuurlijk niet dominant ofzo, maar wel zo vriendelijk, en met een tikkeltje trots. Lichtjes brieste hij, soms leek het echt alsof hij nog een veulen was. Maar dat was hij niet, dus hij moest zich volwassen gedragen, zijn blik gleed nog eens af naar de hengst, misschien wou deze wel vrienden zijn, hij had hier verder nog niemand gezien, en voelde zich ergens alsof hij helemaal alleen op de wereld was. Maar hij had hier ook helemaal geen familie, wist niet eens wie zijn familie was, dus wat moest hij dan doen? Een zuchtje gleed van zijn lippen, en de geur van een ander paard vloog zijn neus binnen. ‘Dankje.’ Zei hij, weer hoorde hij de klanken van zijn eigen stem en een glimlach verscheen op zijn gezicht. De geur die net zijn neus was binnengevlogen werd sterker, maar was niet echt een geur waarvan je zei, dat zit wel goed. Hij snoof eens, en zag een merrie in het zicht komen. Het voorspelde tenminste niets leuks, of goeds, dat kon hij ook al zien aan de manier waarop de hengst op de geur van de merrie reageerde. Poseidon verzette zijn benen en deed een stapje achteruit. De win liet zijn manen naar achteren waaien, en ook de geur van de merrie kwam veel sterker aan. De merrie arriveerde en Poseidon snoof eens, ze was niets goeds, ze was slecht. En de woorden die de merrie sprak waren ook al niet goed, dat was gewoon gemeen, puur slecht en gemeen. De hengst ging er deels op in, maar met een uitstraling die Poseidon niet enorm erg vond, zelf had hij dat ook zo gedaan moest hij de zwarte hengst zijn. De woorden van de hengst klonken nog eens, dit keer waarschijnlijk gericht naar Poseidon. ‘Ik ben,’ Sprak de hengst, en hij dacht even na ‘Poseidon’ zei hij toen, ja, hij was Poseidon, de god van de Zee, de schepper van de paarden, dat betekende zijn naam, hij vroeg zich af waar hij dat gehoord had, hoe hij dat wist, maar dat zou wel komen.

http://rebirthcity.forumotion.com/

Gesponsorde inhoud



Terug naar boven  Bericht [Pagina 1 van 1]

Permissies van dit forum:
Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum